Nieuw onderzoek onthult: daarom irriteren taalverbeteraars je zo

Hoor jij bij de mensen die op elke taalfout duiken?

Krijg je jeuk zodra je een tikfout in een artikel ziet? En voel je meteen de neiging om in te grijpen alsof je de taalagent bent? Dan kan het zijn dat je daarmee minder gezellig overkomt dan je denkt. Uit onderzoek blijkt namelijk dat vasthoudende taalcorrectors in het dagelijks contact vaak als minder ‘aangenaam’ worden gezien.

Klinkt wat scherp, maar het is gestoeld op onderzoeksdata. Foutjes zijn niet ineens handig of wenselijk, maar hoe jij erop reageert, zegt mogelijk meer over jou dan over degene die schreef.

Zo pakten de onderzoekers het aan

Een team van de Universiteit van Michigan liet 83 mensen een reeks e-mails lezen. In die berichten zaten bewust verschillende soorten missers verstopt: slordige tikfouten, grammaticale fouten en – ter vergelijking – teksten zonder fouten.

Na afloop gaven de deelnemers hun oordeel over de (vermeende) afzenders. Niet alleen over hoe slim ze overkwamen, maar ook over vriendelijkheid en andere indrukken. Zo konden de onderzoekers zien hoe taalblunders het beeld van een schrijver kleuren.

Wie struikelt erover en wie laat het los?

Er doemde een duidelijk patroon op: extraverte mensen lieten zich minder afleiden door taalglijers. Zij keken makkelijker door de missers heen en bleven milder in hun oordeel.

Mensen die zichzelf eerder introvert noemen of lager scoren op ‘aangenaamheid’ ergerden zich juist meer aan spelfouten en kromme zinnen. Hun waardering voor de afzenders kelderde sneller zodra er iets niet klopte in de tekst.

Hoe die ergernis te verklaren is

Volgens de onderzoekers draait het om je tolerantie voor afwijkingen. Taalfouten doorbreken even wat je verwacht; sommigen kunnen daar prima mee leven, anderen zijn meteen geprikkeld. Die laatste groep reageert strenger en koppelt een fout sneller aan iemands karakter of kunnen.

Nog een nuance: deelnemers die zichzelf erg gewetensvol vonden en mensen die minder openstaan voor nieuwe ervaringen, bleken vooral gevoelig voor puur typografische slippertjes. Dus eerder de snelle tikfout dan de zwaardere grammaticamisser. Dat wijst op een verband tussen taalgevoeligheid en persoonlijkheidskenmerken.

Wat kun je hiermee in het dagelijks leven?

Als je weer eens struikelt over een d/t-blunder of een extra spatie, vraag jezelf dan af: reageer ik op de inhoud, of vooral op het foutje? Duidelijk schrijven is belangrijk, logisch. Maar dit onderzoek suggereert dat je irritatieniveau óók iets zegt over hoe je met afwijkingen en imperfecties omgaat.

Dat betekent niet dat je nooit meer iemand mag attenderen op een fout. Denk alleen even na over toon en timing. Bij een informele mail of een snel appje is de boodschap vaak prima te snappen ondanks een tikfout. En een vriendelijke tip landt nu eenmaal beter dan een strenge vermaning.

Fouten, persoonlijkheid en nuance

Belangrijk om mee te nemen: de deelnemers gaven indrukken van de schrijvers, maar zo’n indruk is geen feit over iemands slimheid of aard. Een tikfout maakt je niet dom, en vlekkeloze spelling maakt je niet automatisch sympathiek. Het onderzoek laat vooral zien door welke mentale filters we lezen.

Het leuke – of confronterende – is dat je hiermee je eigen leesbril ontdekt. Ben jij iemand die soepel over ruis heen leest, of zoom je in op elk detail? Beide houdingen hebben hun plek, maar ze beïnvloeden wel hoe je anderen beoordeelt.

Tot slot: taal blijft mensenwerk

We tikken allemaal weleens te snel, zeker op een telefoon of onder tijdsdruk. Online communicatie zit vol afkortingen, autocorrect-missers en halve zinnen. Dat maakt taal levendig én rommelig. Niet iedereen heeft dezelfde tolerantie voor die rommeligheid, en precies daar geeft dit onderzoek een inkijkje in.

Spot je in dit stuk of ergens anders een slordigheidje? Laat het vooral weten – een vriendelijke noot helpt het meest. En misschien merk je dat een beetje soepelheid in taal het gesprek erachter juist leuker maakt.