Terwijl veel Nederlanders met moeite een betaalbare plek vinden, kiest de gemeente Oldebroek voor een opvallende aanpak. Jongeren die al lange tijd in de gemeente wonen, krijgen bij een specifiek nieuwbouwproject voorrang op een sociale huurwoning.
Het gaat om een proef waarbij vijf van de tien nieuwe appartementen in Wezep met prioriteit worden aangeboden aan jongeren met een stevige band met Oldebroek.
Met die keuze wil de gemeente voorkomen dat jonge inwoners noodgedwongen vertrekken omdat er voor hen geen betaalbare woning te vinden is.
Wethouder Tom de Nooijer is erg te spreken over het plan. Tegelijk schuurt er een bredere vraag mee: moeten gemeenten hun eigen jongeren vaker voorrang geven op de huizenmarkt?
Voorrang voor jongeren uit de gemeente
In Wezep, onderdeel van de gemeente Oldebroek, komen aan de Mariƫnrade tien tweekamerappartementen beschikbaar.
De doelgroep bestaat uit starters en jongeren tot en met 28 jaar.
De verhuur loopt via woningcorporatie deltaWonen.
Bij vijf van de tien woningen krijgen jongeren uit Oldebroek voorrang.
Daar hoort wel een duidelijke voorwaarde bij: je moet in de afgelopen tien jaar minimaal zes aaneengesloten jaren in de gemeente Oldebroek hebben gewoond.
Voldoe je daaraan, dan maak je bij deze vijf woningen meer kans dan kandidaten zonder die lokale binding.
De overige vijf appartementen worden via de normale procedure toegewezen aan jonge woningzoekenden uit de regio Noord-Veluwe.
Het is dus niet zo dat voortaan alle sociale huurwoningen in Oldebroek uitsluitend naar eigen inwoners gaan.
Waarom deze keuze van Oldebroek?
De druk op de woningmarkt voor jongeren is groot.
Veel starters blijven langer thuis wonen omdat een betaalbare huurwoning lastig te vinden is.
Zeker in kleinere gemeenten is het aanbod beperkt.
Wie graag in het dorp wil blijven waar je bent opgegroeid, wijkt daardoor soms uit naar elders.
Dat raakt werk, familie en je sociale leven.
Oldebroek wil dat eigen jongeren voldoende kansen houden om in hun vertrouwde omgeving te wonen.
In het lokale bestuursakkoord is daarom afgesproken hun positie op de woningmarkt te verbeteren.
Met deze proef wil de gemeente testen of voorrang op basis van lokale binding daadwerkelijk helpt.
Wethouder Tom de Nooijer reageert enthousiast
Wethouder Tom de Nooijer, met wonen in zijn portefeuille, liet op sociale media weten blij te zijn met het besluit.
Hij noemt de proef een belangrijke stap voor jongeren uit Oldebroek.
Juist in tijden van woningtekort moet je volgens hem oog houden voor de eigen inwoners.
Met deze werkwijze krijgen jongeren die al jaren in Oldebroek wonen bij dit project voor het eerst een bijzondere positie.
Voor deltaWonen is deze manier van toewijzen ook nieuw.
De corporatie heeft niet eerder op deze wijze met lokale voorrang verhuurd.
Zo worden de woningen verdeeld
De tien appartementen stonden vorige week op het gezamenlijke woningaanbod van corporaties in de regio Noord-Veluwe.
De toewijzing gebeurt deze week.
Bij vijf woningen telt de lokale binding van de kandidaten mee.
De andere vijf gaan volgens de gebruikelijke regels.
Daarna kijkt de gemeente wat de proef oplevert.
Onder meer wordt bekeken hoeveel jongeren uit Oldebroek reageren, hoe lang zij al staan ingeschreven als woningzoekende en hoe hun kansen zich verhouden tot die van kandidaten uit andere gemeenten.
Met die inzichten kan worden bepaald of deze aanpak vaker zinvol is.
Is lokale voorrang juridisch toegestaan?
Gemeenten mogen onder bepaalde voorwaarden rekening houden met lokale binding bij het verdelen van woonruimte.
De Huisvestingswet biedt daarvoor ruimte.
Dat betekent niet dat een gemeente ongelimiteerd woningen kan reserveren voor eigen inwoners.
Er gelden duidelijke regels en onderbouwingen, en gemeenten moeten aantonen voor welke groepen voorrang nodig is.
Ook moeten regionale afspraken en de belangen van andere woningzoekenden meewegen.
Oldebroek past deze mogelijkheid nu beperkt toe, in een proef met vijf appartementen.
Of dit later breder wordt ingezet, is nog niet bekend.
Wooncrisis onder jongeren blijft nijpend
De proef haakt in op een probleem dat in veel gemeenten speelt.
Jongeren die op zichzelf willen wonen, vinden vaak moeilijk iets betaalbaars.
Een koopwoning is voor veel starters geen optie.
Ook in de sociale huursector zijn de wachttijden lang.
Daardoor blijven sommigen jaren bij hun ouders wonen.
Anderen vertrekken naar een andere gemeente, terwijl ze liever in hun eigen dorp zouden blijven.
Voor kleinere gemeenten kan dat nadelig uitpakken.
Als veel jongeren wegtrekken, heeft dat gevolgen voor verenigingen, voorzieningen en de bevolkingssamenstelling.
Met deze proef wil Oldebroek juist voor die groep wat extra ruimte creƫren.

Discussie over huisvesting van statushouders
De verdeling van sociale huurwoningen zorgt regelmatig voor debat in Nederland.
Een terugkerend onderwerp is de huisvesting van statushouders: mensen die na hun asielprocedure in Nederland mogen blijven.
Gemeenten moeten ook voor deze groep woonruimte regelen.
In Oldebroek zijn daarover afspraken met de corporaties gemaakt.
Volgens de prestatieafspraken voor 2026 mag maximaal twintig procent van de vrijkomende en toegevoegde corporatiewoningen worden ingezet voor statushouders.
Dat staat los van de nieuwe proef voor lokale jongeren.
Het besluit in Wezep betekent dus niet dat Oldebroek is gestopt met de huisvesting van statushouders.
Wel maakt de gemeente tegelijk nadrukkelijk ruimte voor jongeren die al langere tijd in Oldebroek wonen.
Gemeente onder vuur over asielopvang
Op de achtergrond speelt ook een ander dossier met het Rijk.
Volgens de spreidingswet moet de gemeente 141 asielzoekers opvangen.
Tot nu toe zijn daar nog geen plekken voor gerealiseerd.
Sinds augustus staat Oldebroek daarom onder verscherpt toezicht.
Wethouder Tom de Nooijer ging deze week naar het ministerie om uitleg te geven.
De gemeente wil samen met inwoners en de raad mogelijke locaties zoeken.
Een concreet voorstel wordt volgens de huidige planning pas in het eerste kwartaal van 2027 verwacht.
De discussie over asielopvang en de nieuwe voorrangsregeling voor jongeren zijn aparte trajecten, maar ze raken allebei aan schaarse woon- en opvangruimte.
Volgen andere gemeenten dit voorbeeld?
De aanpak van Oldebroek kan interessant zijn voor plaatsen waar jongeren moeilijk aan een woning komen.
Vooral in dorpen waar starters noodgedwongen vertrekken, kan lokale voorrang aantrekkelijk lijken.
Er kleven ook nadelen aan.
Als inwoners van de ene gemeente meer kans krijgen, houden woningzoekenden uit buurgemeenten minder opties over.
Daarom is het belangrijk om de regionale effecten goed te wegen.
Bovendien vergroot voorrang het totale aantal woningen niet.
Zonder extra bouw blijft de strijd om sociale huurwoningen bestaan.
Eerste vijf woningen met lokale voorrang
Voor nu gaat het om een kleinschalige proef met vijf appartementen.
Toch is het bijzonder dat Oldebroek hiermee een nieuwe manier van toewijzen test.
De gemeente wil weten of jongeren met een sterke lokale band zo sneller aan een eigen plek komen.
Zijn de resultaten positief, dan kan die ervaring worden meegenomen bij komende projecten.
Of het echt zo ver komt, is nog afwachten.
Feit blijft: in Wezep krijgen jongeren uit de eigen gemeente bij vijf nieuwe sociale huurappartementen voorrang.
Wat vind jij: moeten gemeenten hun eigen jongeren vaker een streepje voor geven op sociale huurwoningen, of hoort iedereen in de regio gelijke kansen te hebben?



