AOW weer omhoog: check wat jij straks netto per maand krijgt zonder aanvullend pensioen

Er is goed nieuws voor iedereen die al AOW ontvangt of bijna met pensioen gaat. Per 1 juli 2026 gaat de AOW weer omhoog, waardoor je elke maand wat extra op je rekening ziet binnenkomen.

Maar wat houd je straks eigenlijk over als je geen aanvullend pensioen hebt opgebouwd?

AOW stijgt opnieuw

De verhoging komt doordat de AOW is gekoppeld aan het minimumloon. Gaat het minimumloon omhoog, dan stijgt de AOW automatisch mee.

Voor alleenstaanden levert dat vanaf juli ruim 23 euro netto per maand extra op. Op jaarbasis is dat meer dan 280 euro erbij.

Dit zijn de bedragen vanaf 1 juli 2026

De nieuwe AOW-bedragen zien er zo uit:

Alleenstaand

  • Bruto: €1.662,16 per maand
  • Netto (met loonheffingskorting): €1.581,55
  • Netto (zonder loonheffingskorting): €1.285,22

Gehuwd of samenwonend (per persoon)

  • Bruto: €1.139,39 per maand
  • Netto (met loonheffingskorting): €1.084,13
  • Netto (zonder loonheffingskorting): €880,96

Krijgen jullie allebei AOW? Dan komt het gezamenlijke netto-inkomen, met loonheffingskorting, uit op ruim €2.168 per maand.

Wat komt er bij?

Ten opzichte van januari 2026 ga je als AOW’er opnieuw vooruit:

CategorieStijging per maand
Alleenstaand+ €23,40
Alleenstaand, zonder loonheffingskorting+ €18,57
Gehuwd of samenwonend+ €16,43 per persoon
Gehuwd/samenwonend, zonder loonheffingskorting+ €13,26 per persoon

Voor een stel met twee AOW-uitkeringen komt dat samen neer op ruim €32 extra per maand.

Geen aanvullend pensioen opgebouwd?

Als je via je werkgever geen pensioen hebt opgebouwd, blijft de AOW je belangrijkste inkomstenbron zodra je met pensioen bent.

Woon je alleen en heb je geen aanvullend pensioen, dan heb je vanaf juli ongeveer €1.581 netto per maand te besteden. Dat is voor veel mensen genoeg voor de basis, maar luxe zit daar meestal niet in.

AOW-leeftijd gaat verder omhoog

Ondertussen schuift de AOW-leeftijd de komende jaren verder op.

Op dit moment start de AOW op 67 jaar. In 2028 wordt dat 67 jaar en 3 maanden.

Toekomstige generaties zullen daardoor iets langer moeten doorwerken voordat ze recht hebben op het staatspensioen.

Nederland doet het nog altijd relatief goed

Ondanks zorgen over koopkracht en stijgende prijzen zijn Nederlandse gepensioneerden in Europa nog steeds relatief goed beschermd.

Doordat de AOW aan het minimumloon is gekoppeld, groeit die mee met de loonontwikkeling. Zo blijft de koopkracht van veel ouderen beter op peil dan in veel andere Europese landen.

Meer nieuws vind je op kijknieuws.nl.